De actieve monitoring van Aviaire influenza (Vogelgriep) bij wilde vogels in België, wordt georganiseerd in het kader van de Europese richtlijn 2005/94/CE. Het doel van deze monitoring bestaat erin het voorkomen van Griepvirussen en in het bijzonder de H5 en H7 subtypes bij wilde vogels te bestuderen.
Sedert 1997, en meer in het bijzonder sinds 2003 zijn we, vanuit Zuidoost-Azië, getuige van de ontwikkeling van het hoogpathogene H5N1 subtype van het Griepvirus. Griepvirussen zijn typisch voor vogels (wilde en gedomesticeerde) die via direct of indirect contact worden besmet. Deze H5N1 soort van vogelgriep vertoont kenmerken die totnogtoe niet gekend waren: snelle en oncontroleerbare verspreiding, hoge graad van virulentie, constante aanpassing aan nieuwe diersoorten, kruisbesmetting tussen wilde en gedomesticeerde vogels en het teruggaan van de hoogpathogene vorm naar wilde vogels. Deze laatste waarneming is zeer merkwaardig omdat gemerkt werd dat sommige wilde vogels besmet werden met H5N1 zonder ervan te sterven en zelfs zonder er symptomen van te vertonen. Dit blijkt een nieuw feit te zijn.
H5N1 is een virus dat bijzonder moeilijk overgaat op mensen, maar eens het dit toch doet is het zeer verwoestend. Tijdens de zomer 2005, kende de H5N1 pandemie nieuwe ontwikkelingen door het optreden ervan in streken wara het tot dan niet voorkwam: het noorden van China, Mongolië, zuidelijk Centraal Siberië. Deze belangrijke uitbreiding qua oppervlakte bracht H5N1 naar streken waar wilde vogels broeden of overzomeren die later doortrekken of overwinteren op het grondgebied van de Unie. Dit brengt een risico op het transport van het virus door wilde vogels met zich mee. Hierdoor moet rekening gehouden worden met een mogelijke tragische economische impact op de sector van de kippenkwekerijen, maar eveneens met een zekere vrees inzake de mogelijkheden van het virus om mensen te besmetten.
Het geheel van de kenmerken van deze pandemie leidde de Europese Commissie ertoe om een aantal maatregelen te nemen om het fenomeen te volgen, te bestuderen en te bestrijden. De Beslissing 2005/464/CE om een actieve monitoring van wilde vogels in te stellen, valt onder deze maatregelen.
De Commissie publiceerde eveneens een lijst van soorten die prioritair dienen gemonitord te worden.
U kan op deze site kaarten van geteste vogels in Belgïe en kaarten van prioritaire soorten vinden.
U vindt ook een lijst met documenten .
U vindt ook een lijst met nuttige contacten.
Bedanking: Pierre-Yves Declercq van de Belgisch Geologische Dienst (Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen - Departementshoofd : Leon Dejonghe) heeft een kostbare bijdrage geleverd voor het gebruik, in een geografische informatiesysteem, van de gegevensbank van de waargenomen vogels in België (Databank PAPAGENO van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen)