Een tsunami in België?
Het verleden heeft aangetoond dat dit zeker kan. De Noordzee en het Kanaal zijn niet zo rustig als men zou denken. Weliswaar niet met die grootteorde en frequentie van seismische intensiteit als de klassieke risico gebieden zoals bv. Japan, Chili of Californië.
De kennis van dit verleden komt niet alleen uit historische bronnen, maar ook uit geologische gegevens. Deze gegevens dateren van een relatief recente periode, “maar” 8.000 jaar, de periode waarin de Noordzee haar configuratie kreeg zoals we ze nu kennen. Een bijzondere zandlaag, weliswaar maar enkele cm tot dm dik, werd aangetroffen in afzettingen langsheen de gehele Schotse oostkust tot in Noord-Engeland. Onderzoek wees uit dat deze laag werd afgezet ten gevolge van een tsumami, veroorzaakt door een onderzeese afglijding. Deze massale afglijding gebeurde 7900 jaar geleden, langsheen de continentale helling van de Noorse Zee, gelegen halverwege Noorwegen en gekend als het gebied van de Storegga afglijdingen. Het zeeniveau lag toen ongeveer 14m lager dan tegenwoordig.
De snelheid van de afglijding en het volume van het verplaatste materiaal waren zo groot dat ze een reuze tsunami voortbrachten. De invloed ervan wordt niet alleen gevonden in Schotland, maar ook langsheen de kusten van IJsland, Noorwegen, Faeroes eilanden en Shetland. Er kon achterhaald worden dat in Shetland de hoogte ervan tot 25 m reikte. Deze enorme vloedgolf is thans gekend als de Storegga Tsunami. De invloed ervan in het Belgisch kustgebied werd (nog) niet gevonden. De continentale helling van de Noorse zee is nog steeds niet stabiel...
De Zuidelijke Noordzee en het Kanaal hebben geen continentale helling maar er komen wel aardbevingen voor. Op 21 mei 1382 werden vooral Kent en Vlaanderen getroffen door een aardbeving met het epicentrum in het zuiden van de Noordzee. Van een eventuele tsunami werd geen melding gemaakt. Dichter bij ons in de tijd, en dus ook beter gedocumenteerd, is de aardbeving op 6 april 1580. De beving lag tussen 5.3 en 5.9 op de Richterschaal met het epicentrum in het Kanaal op een diepte van 20 à 25 km. Een tsunami overspoelde toen de stad Calais en omgeving en veroorzaakte overstromingen tot in Boulogne. De dag daarop werd Dover geteisterd door een tweede tsunami die blijkbaar tot de Mont St.-Michel reikte. Tot 20 à 30 schepen vergingen toen in het Kanaal door een plotse grote golf. Een overlevende sprak van een golfhoogte van wel meer dan 15 m. In 1931 veroorzaakte een beving met een kracht van 6.1 ter hoogte van de Doggerbank in de Zuidelijke Noordzee een tsunami die vooral Groot-Brittannië teisterde. Tijdens graafwerken voor de creatie van een slufter (een plaats waar de zee het land kan en mag binnendringen) in de duinen tussen De Panne en de Franse grens kwam een dik pakket met uitsluitend schelpen bloot te liggen. Alhoewel er nog geen verder onderzoek gebeurd is, is het nagenoeg zeker dat deze ophoping van schelpen niet door een storm tot stand kwam, maar veeleer het resultaat is van een tsunami.
De seismische activiteiten in onze gebieden worden tegenwoordig nauwkeurig in het oog gehouden. De invloed van een eventuele tsunami op de dicht bevolkte kustgebieden langsheen de Zuidelijke Noordzee is niet gekend. Deze kleine inventaris als pleidooi voor een grotere bewustwording, en de rol die de geologie daarin speelt.
Musson R.M.W. 1994. A catalogue of British Earthquakes. British Geological Survey.
Smith D.E. 2005. Tsunami: a research perspective. Geology Today.
Smith D.E. et al. 2004. The Holocene Storegga tsunami in the United Kingdom. Quaternary Science Reviews 23.